J.U. Smit gemaal

Aan de Lage Boezem van de Nederwaard staat het in 1972 gestichte J.U.Smitgemaal. Het kwam in de plaats van het uit 1927 daterende motorgemaal dat op zijn beurt het hier in 1868 gebouwde stoomgemaal “Van Haaften” verving. Het gemaal is genoemd naar de dijkgraaf van het toenmalige Waterschap De Nederwaard, de heer J.U. Smit. Het is ontworpen door de ‘fabriek’ P.A.C. de Bruin zoals ook in het gemaal is te zien. Een ‘fabriek’ is de titel van het hoofd van de technische dienst van een waterschap. Dit boezemgemaal maalt het water naar een maalkom, die via een sluis loost op de rivier de Lek.

Het gemaal is uitgerust met een drietal vijzels. De vijzelopleiders zijn met behulp van klep- en schuifconstructies in lengte verstelbaar, waardoor het mogelijk is tegen wisselende buitenwaterstanden op te malen. De aandrijving vindt plaats door drie dieselmotoren.
Via de sluis, maar door aparte kokers, loost óók het nabijgelegen gemaal Overwaard. Het gebouw bestaat uit een bemalingsgebouw en een bijgebouw, waarin een werkplaats en dienstruimten zijn ondergebracht. De machineruimte bevat de diesels met de tandwielkasten en een bedieningsruimte.
Het J.U. Smitgemaal is voor de bemalingsgeschiedenis van Nederland van belang als voorbeeld van een boezemgemaal uitgerust met door dieselmotoren aangedreven vijzels: een type waarvan er, op dit moment, nog slechts twee voorkomen in Nederland.